Wat doet de defrost-functie van een warmtepomp?

Het koude seizoen is te voelen, er ligt sneeuw buiten en bijna alles is bevroren. Je kijkt naar de warmtepomp buiten en ziet dat er een laagje ijs op de unit zit, of dat er zelfs een stoomwolk vanaf komt (wat lijkt op rook). Klopt dit wel? Een logische vraag, maar gelukkig is er meestal niks aan de hand. Dit is vaak het gevolg van de defrost-functie (ontdooicyclus) van de warmtepomp. In deze blog vertellen we je meer over wat het effect is van dit koude seizoen op de warmtepomp, wat precies de defrost-functie doet en wat je ervan merkt.
Het effect van koud weer op de warmtepomp
Voordat we uitleggen wat de defrostfunctie precies doet, is het goed om kort terug te gaan naar de basis. Een lucht-water warmtepomp haalt warmte (energie) uit de buitenlucht om je woning te verwarmen. Dat gebeurt door buitenlucht langs een verdamper te laten stromen. In die verdamper zit koudemiddel dat al bij lage temperaturen kookt en verdampt. Tijdens dat proces neemt het warmte op uit de buitenlucht, zelfs wanneer het buiten erg koud is.
Het idee dat de warmtepomp zelf bij (bijvoorbeeld) een temperatuur van -5 warmte uit de lucht kan halen klinkt eigenlijk best bijzonder, toch is dat precies waar de warmtepomp voor bedoeld is. Juist op koude dagen, wanneer je verwarming nodig hebt, moet het systeem natuurlijk zijn werk doen. Ook bij -10°C zit er nog steeds bruikbare energie in de buitenlucht. Het helpt om het zo te bekijken: -10°C is nog altijd warmer dan -20°C. Zolang er een temperatuurverschil is, kan warmte worden verplaatst. Warmte is simpelweg beweging van energie, en die is er ook bij vorst nog steeds.
Ontstaan van ijs op de warmtepomp
Tijdens koude en vochtige dagen kan het koelmiddel in de buitenunit zo koud worden dat de lucht die erlangs gaat, bevriest. Dit gebeurt vooral bij temperaturen rond of onder 0°C en als er veel vocht in de lucht zit. Hierdoor condenseerd het vocht uit de lucht op de koude buitenunit en bevriest. Zo ontstaat er een laag ijs op de warmtewisselaar en soms op de ventilator.
Belangrijk om te begrijpen: ijsvorming ontstaat niet alleen door strenge vorst. Het komt juist vaak voor bij temperaturen rond het vriespunt in combinatie met hoge luchtvochtigheid. Denk aan mistige herfstdagen of natte winterdagen. Op zulke momenten kan er sneller rijpvorming ontstaan dan tijdens droge, koude vorst. Dit zie je soms terug door een witte ijsel/sneeuw laag op het buitendeel of zelfs een bevroren rooster.
Gelukkig is het systeem ontworpen om onder deze omstandigheden te functioneren. Koud weer vraagt simpelweg om extra automatische regulatie van de installatie. En daar is de warmtepomp op voorbereid, namelijk met de defrostfunctie.
Waarom komt er stoom of “rook” uit mijn warmtepomp?
Je kijkt naar buiten en ziet een wolk opstijgen van je warmtepomp. Het lijkt op rook. Logische gedachte: “Er gaat iets mis.” Maar wat je ziet is gelukkig geen rook. Het is waterdamp. Tijdens de defrostfunctie wordt namelijk het ijs op de verdamper tijdelijk verwarmd en gesmolten. Het ijs verandert in water en warme lucht wordt kortstondig naar buiten geblazen. Wanneer die warme, vochtige lucht in aanraking komt met koude buitenlucht, ontstaat er een zichtbare dampwolk. Vergelijk het met een warme kop koffie uit een thermoskan op een koude winterdag: zodra de warme damp in aanraking komt met koude buitenlucht, wordt die zichtbaar.

Defrost-functie
De defrost-functie, ook wel ontdooicyclus genoemd, zorgt ervoor dat ijs van de verdamper wordt verwijderd. Wanneer sensoren detecteren dat ijsvorming de luchtstroom belemmert of het rendement verlaagt, schakelt het systeem tijdelijk om. Deze ontdooicyclus gaat alsvolgt:
- De warmtepomp kan zelfstandig vaststellen wanneer er ijs ontstaat. Dit gebeurt aan de hand van onder andere een afnemende luchtstroom, ingebouwde sensoren en temperatuurmetingen.
- Zodra ijsvorming wordt gedetecteerd, onderbreekt het systeem tijdelijk het verwarmingsproces en schakelt het over naar een omgekeerde werking. Daarbij wordt warmte onttrokken aan het cv-water en naar de buitenunit geleid. Hierdoor smelt het ijs, waarna het water eenvoudig wegloopt (en er dus soms stoom vrijkomt).
- Na het ontdooien schakelt de warmtepomp automatisch terug naar de normale verwarmingsstand.
Belangrijk om te weten: De warmtepomp start de defrost-functie op willekeurige momenten. De ingebouwde regeltechniek, analyseert continu omstandigheden en prestaties. Op basis daarvan beslist het systeem wanneer defrosten nodig is. Je warmtepomp “weet” dus zelf wanneer het tijd is om te defrosten.
Wat merk je aan de warmtepomp?
Tijdens de ontdooicyclus kan het zijn dat:
- De ventilator tijdelijk anders klinkt. Dit komt omdat het “toerental” van de ventilator en compressor verandert, waardoor de warmtepomp tijdelijk anders of harder kan klinken.
- De verwarming kort iets minder vermogen levert. Omdat de energie een korte tijd wordt gebruikt voor het ontdooien van de warmtepomp, wordt er ook tijdelijk minder warmte geleverd aan het huis. Dit duurt meestal maar een korte periode.
Wat kun je doen?
In de meeste gevallen hoef je helemaal niets te doen. IJs op de warmtepomp, rijpvorming of een zichtbare dampwolk tijdens koude en vochtige dagen is zoals in deze blog is beschreven compleet normaal. De installatie is hier speciaal voor ontworpen en regelt dit volledig zelfstandig via de automatische defrost-functie.
Conclusie
IJs of stoom bij je warmtepomp in de herfst en winter is meestal normaal. Het systeem is ontworpen om onder koude en vochtige omstandigheden warmte uit de lucht te blijven halen en regelt zelf wanneer het moet ontdooien.
Je hoeft hier niets aan te doen. Alleen als er een foutmelding verschijnt of je woning niet meer verwarmd wordt, is contact opnemen nodig. In alle andere gevallen kan je de warmtepomp gewoon rustig zijn werk laten doen.